Voltooid leven – een onvoltooid debat?

i 5 juli 2017 door

Het schijnt een heikel thema te zijn aan de formatietafel: de vraag of mensen die hun leven voltooid achten daaraan ook – met hulp van een arts – een einde aan zouden moeten kunnen maken. Op dinsdag 12 september aanstaande organiseert het Netwerk PvdA en Levensovertuiging een debat in Utrecht. Gezamenlijk verkennen we dit ingewikkelde thema.

Voor de avond zijn twee sprekers uitgenodigd: Agnes Wolbert en Dirk Achterbergh. Agnes Wolbert was jarenlang Tweede Kamerlid voor de Partij van de Arbeid en als zodanig onder meer woordvoerder medisch-ethische kwesties. Na haar Kamerlidmaatschap werd zij directeur van de Nederlandse Vereniging voor het Vrijwillig Levenseinde (NVVE). Dirk Achterbergh was huisarts in Amsterdam-Zuidoost. Hij is nu medisch adviseur bij het Zorginstituut Nederland en fellow bij de Wiardi Beckman Stichting. In Tijd en Taak schreef hij eerder dit jaar een beschouwing over dit vraagstuk.

Na een inleiding van beide sprekers is er de mogelijkheid uitvoerig met hen en met elkaar in gesprek te gaan. De bijeenkomst is toegankelijk voor iedereen, maar het aantal plaatsen is beperkt. Even aanmelden is daarom dringend gewenst. Dat kan via deze link of middels onderstaand formulier.

Democratisch Nederland: Banning Conferenties 2017

i 4 juli 2017 door

In 2017 organiseert de Banning Vereniging een serie conferenties over Democratisch Nederland. De eerste bijeenkomst eindigde met de conclusie dat met ons democratisch systeem niet zoveel mis is, maar dat er een vernieuwing nodig is van de Nederlandse partij- en bestuurscultuur. Onder leiding van oud-PvdA Kamerlid Amma Assante discussieerden we verder over de democratie dichtbij, in de gemeente.

Jacques Wallage, voorzitter van de Raad voor het Openbaar Bestuur, opende de avond met de constatering dat politieke partijen de zwakke schakel zijn geworden in het democratisch bestel; 2,3% van de bevolking is nog lid waarvan slechts 10% actief. Het gezag van politici en politieke partijen loopt terug en het openbaar bestuur kan alleen blijvend draagvlak verkrijgen als ze zichzelf zo organiseert dat ze een verbindende overheid is, die responsiever functioneert. De overheid moet zich aanpassen aan een samenleving die in toenemende mate ‘horizontaal’ is georganiseerd en bestaat uit netwerken van actieve, mondige burgers en maatschappelijke organisaties.

Hans Spekman, voorzitter van de PvdA, wil mensen hun publieke instellingen terug geven. Spekmans stelling is dat de democratie verdwijnt uit de lokale overheid. De gemeente politiek vindt hij vaak niet politiek genoeg. Als politicus moet je de techniek van de gemeenteraad kennen maar ook de politieke verschillen tussen PvdA en CDA. Subsidieregelingen voor politieke scholingen voor raadsleden is door de overheid stop gezet terwijl er wel subsidiegeld beschikbaar is voor scholingen van de neutrale wethoudersvereniging en het genootschap van burgemeesters. Democratisering van de politieke sector vindt Spekman urgent. Een woningbouwcoöperatie in Amsterdam, nota bene opgericht door bewoners, wil de huurbescherming afschaffen. In dergelijke besturen, waar niemand bij kan, doet men voorstellen die ver afstaan van de belevingswereld van mensen. Daarom wil Spekman dat de partij mensen (weer) meer zeggenschap geeft over het functioneren van publieke instellingen.

Bert Blasé is sinds februari 2017 waarnemend burgemeester van de gemeente Heerhugowaard en voorzitter van het congrespresidium van de PvdA. Hij is een van de trekkers van Code Oranje, een club van lokale bestuurders en raadsleden die via experimenten burgers een grotere stem en invloed wil geven. Hij pleit ervoor dat gemeenten experimenteren met vormen van medezeggenschap. Blasé denkt aan burgerjury’s, burgerbegrotingen en wijkteams. Zeggenschap vindt hij de belangrijkste sociaaldemocratische waarde. Voor het PvdA congres stelt hij voor om uit de statuten de woorden amendementen en moties te schrappen.

Maarten van den Bos, fractievoorzitter van de PvdA in de gemeente Lingewaard, constateert dat door de vorige sprekers is gesproken over de noodzaak van democratische experimenten. Deze sprekers gaan er in zijn visie vanuit dat we minder overheid en meer samenleving nodig hebben. Van den Bos zet uiteen dat we meer overheid nodig hebben. Hij constateert dat er mensen zijn die niet aangesproken worden door burgerparticipatie of door uitnodigingen voor burgertoppen. De overheid is in de gesegregeerde samenleving misschien nog wel de enige plek die iedereen weet aan te spreken en waar iedereen bij elkaar hoort. Van den Bos pleit als sociaaldemocraat voor een overheid die voor iedereen staat. Hij houdt een warm pleidooi voor niet voor minder maar voor meer overheid.

Aan het eind van de avond probeerde Amma Assante voorzichtig tot een conclusie te komen. Haar inzicht was dat een vernieuwing van de politiek vooral bij onszelf begint. Wie verandering neerlegt bij ‘de politiek’ of ‘het systeem’ komt niet verder. Het is aan ons allen er de schouders onder te zetten, de democratie is immers van iedereen.

Op maandag 16 oktober praten we verder. De laatste bijeenkomst in de serie Democratisch Nederland gaat over Europa. Hoe democratisch is Europa eigenlijk? Grote dossiers vragen om een Europese oplossing. Of het nu gaat om het beteugelen van de financiële sector of het aanpakken van het migratievraagstuk, Europa is onderdeel van de oplossing. Maar hoe veel controle en invloed hebben we als burgers daar nog op? Daarover praten we 16 oktober, met onder anderen Paul Tang. Aanmelden kan hier, het programma wordt zo snel mogelijk bekend gemaakt.

 

Banning Leergang 2017: Wij Burgers!

i 4 juli 2017 door

De Banning leergang 2017 gaat over burgerschap. Over de vraag wie we zijn, wat we doen, waar we zijn en wie er met ons mee mag doen als we onszelf aanduiden als ‘burger’. Of wellicht beter gezegd, als we door anderen zo worden genoemd. Want vooral in de politiek is de burger een hot item. Nieuw beleid? samen maken met de burger. Een andere verzorgingsstaat? Een grotere rol voor de burger. Vertrouwen in onze democratie en onze politiek? Een probleem van de burger. Over dit soort vragen gaat de leergang, met vier sprekers die een vooraanstaande rol spelen in het publieke debat over burgerschap in Nederland. Kom met hen meepraten! Aanmelden voor de Banning Leergang 2017 kan hier, of vul het formulier in onderaan deze pagina.

Inhoud

Burgerschap is een betwist begrip. Wat het betekent om ‘burger’ te zijn, welke rechten en plichten daarbij horen, waar we precies burger zijn, hoe we leren hoe dat zo ongeveer moet en wie er eigenlijk toegang heeft tot burgerschap zijn vragen met een enorme politieke lading. Tegelijkertijd is er in de politiek een enorm geloof in het oplossend vermogen van burgerschap. Modieuze termen als burgerbetrokkenheid, overheidsparticipatie en co-creatie liggen veel Nederlandse bestuurders voor in de mond bestorven en op allerlei plekken schieten de plannen om burgers meer te zeggen te geven als paddenstoelen uit de grond.

Veel van die initiatieven zijn interessant en belangrijk. In de dit jaar door de Banning Vereniging georganiseerde serie conferenties rond het thema Democratisch Nederland? komt dat ook wel terug. Maar de vraag wat we precies bedoelen met een begrip als burgerschap wordt eigenlijk zelden aan de orde gesteld. Daarmee blijft impliciet dat verschillende politieke stromingen een heel ander beeld hebben bij burgerschap. Dat is niet goed voor de discussie. Niet in meer abstracte zin, als het gaat over de meest wenselijke verhouding tussen overheid en inwoner of de toekomst van onze democratie, maar ook niet in meer concrete zin. In veel gemeenteraden bijvoorbeeld gaat het voortdurend over de betrokkenheid van inwoners, over co-creatie en overheidsparticipatie, maar zorgen onuitgesproken ideologische verschillen niet zelden voor spraakverwarring. Hetzelfde zien we in het onderwijs. Op alle mogelijke manieren wordt geprobeerd in scholen burgerschap te onderwijzen, niet zelden is dat ook een verplichting door de politiek opgelegd, maar hoe dat moet weet eigenlijk niemand.

Het gesprek in Nederland over burgerschap gaat daarmee over heel veel, en misschien daardoor ook wel over niets. Deze Banning Leergang is bedoeld voor mensen die de relevantie van dat gesprek zien, maar meer willen weten over de verschillende beelden van burgerschap, de sociaaldemocratische visie erop en de vragen en uitdagingen die daarbij horen. Samen gaan we in gesprek over burgerschap in modern Nederland.

Praktisch

De Banning Leergang 2017 vindt plaats op vier woensdagavonden – tussen 18.00 en 21.00 – in het centrum van Utrecht. Organisatie is in handen van Maarten van den Bos, secretaris van de Banning Vereniging. Voor vragen kun je contact opnemen via mvandenbos@banningvereniging.nl of 06-24204751. Opgeven voor de leergang kan via deze link. Het aantal plaatsen is beperkt, dus wacht niet te lang. Kosten voor deelname (inclusief broodmaaltijd) zijn 75 euro. Studenten en minima betalen 25 euro. De leergang is door de PvdA erkend als officieel onderdeel van haar scholingsaanbod en wordt jaarlijks ook door de Jonge Socialisten in de PvdA aan haar leden aanbevolen, maar staat open voor mensen met welke politieke of levensbeschouwelijke achtergrond ook. Aanmelden voor de leergang kan hier, of vul het formulier in onderaan deze pagina.

Bijeenkomsten

4 oktober 2017: Wat is eigenlijk een burger? Over politieke visies op burgerschap.

Met Menno Hurenkamp en Herman Noordegraaf. In de openingsbijeenkomst van de leergang buigen we ons over de vraag naar de betekenissen van het begrip burgerschap. Waar staat dat begrip voor, hoe wordt het gebruikt en welke verschillen zijn er tussen ideologische stromingen in Nederland. En hoe is het moderne politieke debat over burgerschap precies te duiden? Welke vragen en opvattingen staan daarin centraal en waarom?

Spreker is Menno Hurenkamp, is publicist en onderzoeker en onder meer hoofdredacteur van Socialisme en democratie. Op 7 juni jongstleden promoveerde hij aan de Universiteit van Amsterdam op het boek Met opgeheven hoofd. Sociaal burgerschap aan het begin van de 21e eeuw. Daarin betoogt hij dat de politiek Nederlanders uitnodigt tot een actief burgerschap om zo een oplossing te vinden voor de uitdagingen van individualisering en globalisering. Daarmee is het begrip burgerschap niet langer een tegenwicht tegen de macht van de markt of de staat. En juist daar is burgerschap tot ook voor bedoeld. Eerder publiceerde Hurenkamp boeken over individualisering, politiek en vooruitgang.

Een co-referaat wordt verzorgd door Herman Noordegraaf, emeritus hoogleraar aan de Protestantse Theologische Universiteit, kenner van de geschiedenis van het religieus socialisme in Nederland en langjarig voorzitter van het Trefpunt PvdA en Levensovertuiging.

11 oktober 2017: Waar zijn we burgers en waar zijn we thuis? Grenzen tussen publiek en privé.

Met Erik Borgman. In deze bijeenkomst staat de vraag waar we eigenlijk worden aangesproken als burger centraal. Is dat als we ons actief bemoeien met politiek, de samenleving of onze woonomgeving? Is dat altijd, of alleen soms? Is dat ook het geval als we thuis voor een zieke partner, ouder of kind zorgen? Is dat in de kerk of in een politieke vereniging? Of is het overal en nergens? En als we burger zijn in de kerk én de politiek, botst dat dan niet met elkaar?

Spreker is Erik Borgman, theoloog en hoogleraar aan de Universiteit van Tilburg. Borgman schreef veelvuldig over de rol van religie en kerken in het publieke domein. Recent publiceerde hij het boek Leven van wat komt, waarin hij een visie ontwikkeld op wat hij contemplatieve politiek noemt. In het boek gaat hij in op tal van urgente maatschappelijke kwesties, van het vluchtelingenvraagstuk tot de toegankelijkheid van de publieke ruimte en het maatschappelijk debat. Borgman is lekendominicaan en werd in 2008 door weekblad Vrij Nederland uitgeroepen tot een van de tien meest inspirerende denkers van Nederland.

1 november 2017: Waar worden we burgers? Over burgerschapsonderwijs.

Met Bram Eidhof. Hoe belangrijker burgerschap door de politiek gevonden wordt, hoe meer er wordt vastgesteld dat we mensen tot burger moeten opvoeden. Maar hoe en waar doe je dat precies? Die taak is vooral bij scholen neergelegd, maar in het onderwijs leeft de vraag hoe daaraan nu precies invulling te geven. Hoe voeden we mensen op tot democratische burgers? En wie is daarvoor verantwoordelijk? En hoe meten we of het eigenlijk een beetje wil lukken?

Spreker is Bram Eidhof, onderwijssocioloog, werkt bij het Instituut voor Publieke Waarden als actieonderzoeker. In die hoedanigheid maakt hij onder andere in samenwerking met scholen programma’s om burgerschap en democratie een steviger plek te geven in hun onderwijs. Eidhof promoveerde in 2016 aan de Universiteit van Amsterdam op een proefschrift over burgerschapsonderwijs in Nederland.

15 november 2017: Wie mag er burger zijn? Over diversiteit en toegang tot ‘ons’ burgerschap.

Met Monique Kremer. In de afsluitende bijeenkomst van de leergang gaan we in op de toegankelijkheid van burgerschap. Van wie is dat eigenlijk? Van mensen die hier geboren zijn of ook van mensen die van elders komen? En vanaf wanneer dan? En op welke voorwaarden? Als mensen middels een participatieverklaring de hier geldende kernwaarden onderschrijven? Of als ze de taal spreken? Of misschien wel nooit helemaal, eigenlijk? En als mensen er dan bij mogen horen, is dat dan volledig of voorwaardelijk, helemaal of een beetje. En wat betekent het als mensen toegang krijgen tot burgerschap?

Spreker is Monique Kremer. Zij is sociale wetenschapper en politicologe en werkte een carrière lang aan vraagstukken op het snijvlak van diversiteit, de verzorgingsstaat en burgerschap. Op dit moment is zij senior wetenschappelijk medewerker bij de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid. In die hoedanigheid was zij onder meer (mede)verantwoordelijk voor het rapport Voor de zekerheid over de moderne organisatie van arbeid. Ook is zij hoogleraar actief burgerschap aan de Universiteit van Amsterdam, een positie die zij aanvaardde met de oratie Een verbindende verzorgingsstaat. Over burgerschap, zorg en (super)diversiteit.

Toekomstmuziek

2017 is voor de Banning Vereniging een jaar waarin de met elkaar verweven thema’s burgerschap en democratie centraal staan. Beide thema’s willen we met elkaar verbinden tijdens een werkconferentie in december of januari waarin we met verschillende groepen mensen proberen de resultaten van de conferenties rond het thema Democratisch Nederland? samen te brengen in een analyse of manifest over de verhouding tussen overheid en inwoner in Nederland. Alle deelnemers aan de leergang zijn van harte uitgenodigd die dag mee te denken.

Bovendien vindt op 21 februari 2018 de eerste Banning Lezing plaats, in de Rode Hoed te Amsterdam. Spreker is Lodewijk Asscher. Deelnemers aan de leergang zijn ook van harte uitgenodigd om deze lezing bij te wonen.

Aanmelden kan via deze link, of vul onderstaand formulier in:

Column: Zakkenvuller

i 2 juni 2017 door

Mijn eerste kennismaking met de lokale politiek vond plaats op een rotonde in Gendt, een dorp gelegen aan de waal, nabij Arnhem en Nijmegen. In de loop van 2009 meldde ik mij per e-mail bij het bestuur van de afdeling Lingewaard. Of ik wellicht wat actiefs kon doen voor de PvdA. De partij stond er in mijn ogen beroerd voor. Gevangen in het zielloze kabinet Balkenende iv, met een partijleider volledig in beslag genomen door zijn ministerschap. Maar opzeggen wilde ik dat lidmaatschap toch ook weer niet. Dus dan maar in de benen. Zo gezegd, zo gedaan.

Zo stond ik op een druilerige oktoberochtend op een rotonde. Wat wil het geval, de afdeling had juist een nieuwe rotonde geadopteerd om als blijk van burgerzin en betrokkenheid het groen te onderhouden. Er zou een actieve club vrijwilligers zijn om te helpen bij de aanleg van een mooi bloemperk, zo was me verteld. Kon ik gelijk kennis maken met de afdeling. De omvang van de club viel wat tegen – we waren met z’n vieren – maar de kennismaking beviel. Ik werd actief, eerst in het afdelingsbestuur, later als lid van de steunfractie. En sinds de verkiezingen van 2014 mag ik de PvdA vertegenwoordigen in de Raad. Als eenmansfractie, want sinds de verkiezingen van 2010 ging het electoraal helaas bergafwaarts. Maar goed, manmoedig gaan we verder.

De ochtend op de rotonde was een cruciaal moment in mijn publieke vorming. Een van de aanwezigen was gepokt en gemazeld in de lokale politiek. Jarenlang Raadslid geweest, wethouder, afdelingsbestuurder. Na een uurtje of wat ploeteren in de zwarte grond aten we een peer, uit zijn eigen tuin. Net op dat moment reed er een auto voorbij, raampje open. ‘Hé, ga eens werken, zakkenvullers’, schreeuwde de bestuurder. Gegeven het feit dat er verder geen hond op straat was (het was inmiddels gaan regenen) moest dat wel op ons slaan. Stond je dan, gehuld in PvdA-jas, je best te doen. De enige reactie die ochtend. Vertwijfeld keek ik mijn ervaren collega aan die mijn boosheid opmerkte, zijn schouders ophaalde en weer aan het werk ging. Zo gaan die dingen, mompelde hij onverstoorbaar.

Het is het werk van een lokaal politicus in een notendop. Hoe mooi die rotonde ook was geworden, het bleef ondankbaar werk. Nog steeds stel ik af en toe mismoedig vast dat een aanzienlijk deel van de reacties op het Raadswerk negatief zijn. Gelukkig zijn er ook veel positief. Maar enig doorzettingsvermogen is wel nodig.

Dan helpt het niet dat het publieke beeld van het Raadswerk ook vanuit onverwachte hoek steeds negatiever wordt. Het aantal publicisten en deskundigen dat in Nederland een – zeker op lokaal niveau – ernstige democratische crisis diagnosticeert is inmiddels vrijwel niet meer te tellen. En dat ligt niet zelden ook aan lokale politici, die zouden beschikken over onvoldoende kennis (want meer scholing is nodig), onvoldoende kwaliteit (want het is een ondergewaardeerde functie, dus mensen die echt wat kunnen hebben er geen zin in), onvoldoende zeggenschap (want ambtenaren, colleges, gemeenschappelijke regelingen) en onvoldoende vertegenwoordigende kwaliteiten (want eigenlijk kunnen actieve inwoners het zelf veel beter).

Wie denkt dat dit type reactie slechts komen van ongeïnformeerde types doe op zaterdag met open raam over rotondes razen of quasi intellectuele figuren die op het Binnenhof tekeer gaan tegen een imaginair partijkartel dat in Nederland de lakens zou uitdelen, beveel ik graag nog even een recent advies van de Raad voor het Openbaar Bestuur aan. Daarin lees ik dat Raadsleden onvoldoende volksvertegenwoordiger zijn, hun rol in het politiek-bestuurlijk krachtenveld niet kennen en zich minder politiek moeten opstellen. Hoe dat tegelijkertijd te doen wordt vervolgens overigens weinig helder. Maar ook in de eigen partij is het oordeel over onze eigen politici niet altijd mals. Wie herinnert zich niet de oproep van de partijvoorzitter: gingen die Raadsleden nou eindelijk maar eens de straat op, in plaats van steeds maar te zitten vergaderen. Er werd nagedacht over een quotum, minstens een kwart van de tijd op straat. Alsof wij Raadsleden nooit buiten komen.

Wie de politiek de maat neemt heeft vaak een punt. Er moet wat gebeuren aan de manier waarop we in Nederland op lokaal niveau besluiten nemen. Gemeenten zijn de afgelopen jaren een veel belangrijker rol gaan spelen in het leven van mensen. Voor zorg en ondersteuning, werk en inkomen, onderwijs en jeugdhulp moet je bij je gemeente zijn. Bovendien gaat de ruimte die gemeenten hebben zelf te gaan bepalen hoe de openbare ruimte eruit ziet met de aanstaande omgevingswet gigantisch toenemen. Daarmee wordt ook de lokale politiek belangrijker.

Te belangrijk om aan politici over te laten? Dat denk ik niet. Lokale politici, ik ken er inmiddels veel, lopen zich het vuur uit de sloffen om er toch nog wat van te maken. We hebben een ander gesprek nodig over onze democratie dichtbij. Een gesprek dat meer uitgaat van de kracht van vertegenwoordigend bestuur en een gesprek dat toekomstgericht nadenkt over een moderne verhouding tussen overheid en inwoner. Want wie de noeste hoveniers in de achtertuin van de politiek slechts toevoegt wat zij misdoen moet niet vreemd staat te kijken als er straks niemand meer de spade oppakt. Een democratie zonder politici is als een toneel zonder acteurs. En dat gaat op den duur toch vervelen.

Column: Aan het volk van Nederland

i 30 april 2017 door

Een bittere avond was het, 15 maart 2017. Voor iedereen die de PvdA een warm hart toedraagt. Wie in 2012 nog PvdA stemde, liep nu massaal over naar andere partijen, waaronder GroenLinks. Lichtpuntjes? De PVV is gelukkig niet de grootste geworden en uit de comeback van het CDA blijkt dat de zwevende kiezer ook weer terug kan keren. Voor de PvdA zal het wel oppositie worden (al weet je het in Nederland coalitieland nooit helemaal zeker). Met als opdracht de kiezers met een eerlijk én inspirerend verhaal terug te winnen. Deels boze en gefrustreerde kiezers, deels blije en idealistische kiezers met soms tegengestelde belangen en verwachtingen. Hoe vertel je die kiezers op verfrissende wijze een samenbindend verhaal?

Eén ding is zeker, er is ruimte voor een door levensbeschouwelijke en/of religieus georiënteerde waarden gestuurde politieke boodschap. Op de eerste Banningconferentie van dit jaar, over de staat van de democratie, constateerde minister Ronald Plasterk dat lang gedacht werd dat waarden en normen af hadden gedaan in het geseculariseerde Nederland. Maar niets bleek minder waar in deze tijd van polarisatie. Te midden van de strijd om onze nationale identiteit regende het statements over waarden en normen. De open brieven van Rutte en Asscher aan het volk van Nederland waren in dat verband veelzeggend. Rutte legde alle nadruk op het actief verdedigen van fatsoen en normaal doen in een ontzettend gaaf land. Asscher kwam met een antwoord dat het accent legde op de waarde van verzorgings- en rechtsstaat. Iedereen gelijkwaardig, geen rechten zonder plichten en bovenal eerlijke spelregels die gelden voor iedereen. Want: ‘Nederland is van ons allemaal’.

In de zoektocht naar een moreel samenbindend verhaal heeft de Banningvereniging een rol te spelen. In een land dat nog altijd tot de wereldtop behoort, maar waar mensen ook veel te verliezen hebben. Of soms al veel zijn kwijtgeraakt door de crisis, vaak in ieder geval het gevoel dat er naar hen geluisterd wordt, dat de politiek er ook voor hen is.

Als wij als Banningvereniging nu een brief zouden schrijven aan het volk van Nederland, dan zou die brief in ieder geval positief en constructief getoonzet moeten zijn. Met als inhoudelijke boodschap dat ons land actief de eigen identiteit moet bewaken en uitdragen, maar dat die identiteit altijd in ontwikkeling is. Er zou in moeten staan dat het in de politiek om meer gaat dan om kortetermijnbelangen van deelgroepen. Het milieu is daarvan bij uitstek een voorbeeld. De toekomst van het ecosysteem is ons aller zorg en zal een veel grotere rol moeten spelen bij economische afwegingen. Er zou in moeten staan dat de grondwaarden zoals verwoord in artikel 1 van de Grondwet ‘heilig’ zijn en actief uitgedragen en verdedigd moeten worden door iedereen die in Nederland woonachtig is. Met daarbinnen alle ruimte voor diversiteit. En tenslotte zou erin moeten staan dat vrijheid niet bestaat zonder verantwoordelijkheid, ruimte voor het individu niet zonder gemeenschapszin, voorzieningen niet zonder financiële offers én controle op misbruik en dat solidariteit ver weg en dichtbij een kwestie van beschaving is. Aan een dergelijke brief moet zal ook de PvdA met vernieuwend en creatief élan verder moeten schrijven. De Banningvereniging schrijft graag mee.